Vanmorgen maakte ik mijn debuut op Radio Noord-Holland. Voortaan ben ik elke maandag vlak na tienen te gast in het populaire programma De Ochtend om een breed publiek bij te praten over ontwikkelingen op internet. Hoofdonderwerp was ditmaal Twitter, maar we hadden het ook over de Blijste Baby-verkiezing. Presentator Arjan Burggraaf twitterde natuurlijk even een actiefoto van mijn debuut. Niet alleen ik ben trouwens nieuw, want het hele programma is met ingang van het nieuwe seizoen op de schop gegaan:
“Vandaag is het dan zo ver: een nieuwe Ochtend op Radio Noord-Holland! Na met pijn in het hart afscheid te hebben genomen van een aantal trouwe Ochtendcoryfeeën, verwelkomen we de komende tijd maar liefst acht nieuwe vaste gasten. Zo zal vandaag voor het eerst Jeroen Mirck te gast zijn, internetjournalist, die ons bijpraat over het World Wide Web… En Sylvia Platjouw van Santé zal de nieuwe gezondheidsrubriek verzorgen.”
Op mijn weblog zal ik elke maandag terugblikken op de uitzending, die je trouwens hier kunt beluisteren.
Burgerjournalistiek is de grootste bedreiging van traditionele journalistiek. Tegelijk biedt het enorme kansen voor diezelfde media. In 2007 constateerde ik al dat de meeste journalisten zitten te slapen en deze kans volledig missen. Gelukkig is de nieuwe generatie vakgenoten heel nieuwsgierig: gisteren organiseerden studenten van de Hogeschool van Amsterdam (sectie Media, Creatie en Informatie) het congres Citizen Journalism, What’s Your Opinion?
Is Twitter stom? Zolang er mensen zijn (zoals ik) met een heilig geloof in dit medium, zullen er ook altijd ongelovigen blijven. Ook hun tegengeluid kan interessant zijn, dus liet ik een jaar geleden ‘technocynicus’ René van Densen aan het woord. Ook dit weekend hoorde ik weer enkele sceptici aan het woord, tijdens de alumnidag ‘Ik twitter dus ik besta’ aan de Universiteit van Tilburg. PvdA-Kamerlid Jan Boelhouwer noemde Twitter een soort Botox of ADHD, terwijl filosoof Herman de Regt waarschuwde voor het overwaarderen van het fenomeen online vriendschap. Baas boven baas was echter theoloog en ‘Twitter-agnost’ Erik Borgman, die zozeer ageerde tegen de digitale cultuur dat hij zijn gesproken column maar gewoon aan alle aanwezigen uitdeelde als dubbelzijdig gestencild stuk papier. Borgman heeft namelijk ook geen weblog.
“Ik twitter dus ik besta.” Nee, dat is niet mijn lijfspreuk. Het is de titel van het ‘social media networking event’ dat de Universiteit van Tilburg op 29 mei organiseert. Als alumnus van deze universiteit ben ik daar een van de sprekers. Voor de afwisseling eens niet over Twitter (daar gaat Hille van der Kaa het over hebben), maar ik ga de aanwezige (oud-)studenten uitleggen hoe ze groot, rijk en gelukkig kunnen worden met een perfect LinkedIn-profiel. Bekijk hier het hele programma dat alumnivereniging Dante aanbiedt. Studeerde je net als ik ooit aan de KUB? Kom dan ook. Het wordt een leuke middag, al was het maar omdat ook cabaretier Frank van Pamelen van de partij is. Social networking in full effect, ook bij de borrel na afloop. Tot ziens, Tilburgse twitteraars!
Internet is een curieuze stamkroeg. In een echte bar gebeurt het me nooit dat ik word uitgemaakt voor NSB’er, communist, kapitalist, klootzak, PvdA’er, stalinist, VVD’er of dictator, maar op het web is dat doodnormaal. Sociale media heet dat dan. Op blogs, Twitter of Facebook verliezen sommige mensen alle remmingen. Mediatrainers zeggen standaard dat je die overdreven reacties moet negeren, maar hé, ik ben ook maar gewoon een mens! Kritiek krijgen is altijd lastig. Zelf durf ik best toe te geven dat ik daar niet goed in ben. Maar deze week veranderde mijn wereld: ik stuitte op de “7 Great Principles for Dealing with Haters” van Tim Ferriss.
Vandaag zit ik precies drie jaar op Twitter. Een jaar geleden stond ik ook stil bij die 27e april, toen door terug te blikken op een artikel dat ik anderhalf jaar eerder in Adformatie publiceerde over ‘de hype Twitter’. Ditmaal blik ik liever vooruit. Twitter is een bestendige hype gebleken, die nog altijd aan invloed wint. Nog altijd groeit het aantal gebruikers gestaag, zowel zakelijk als privé. Twitter is al lang geen speeltje meer van nerds, het is een heel aardige dwarsdoorsnede van de samenleving aan het worden. Massaler, politieker, commerciëler, soms grimmiger maar toch vooral gezelliger. Omdat steeds meer mensen meedoen.
Ronald Giphart maakt zich vandaag in zijn Volkskrant-column boos over afzeiken in de politiek. Als voorbeeld refereert hij aan een ‘genante afzeikgrap’ van PVV-Kamerlid Richard de Mos over het uiterlijk van GroenLinks-collega Ineke van Gent. Vervolgens verwijt hij mij dat ik die grap op Twitter heb herhaald. Nu was dat bepaald niet mijn allerleukste tweet, maar Giphart lijkt te suggereren dat ik het met die belediging aan het adres van Van Gent eens zou zijn. Om het even in zijn vocabulaire te zeggen: wat een gelul.
“Die trend van betrokkenheid buiten de gevestigde kanalen om wordt alleen nog maar sterker door de opkomst van de netwerksamenleving – de digitalisering van onze maatschappij. Ik geloof dat we die ontwikkeling moeilijk kunnen overschatten. Mensen vinden elkaar niet alleen op de grote sociale netwerken als Hyves, Facebook en Linkedin. Ze vinden elkaar ook in allerlei gespecialiseerde internetgemeenschappen: als liefhebbers van hetzelfde automerk, als jonge ouder, als werkzoekende, als slachtoffer van DSB, als technisch professional of in welke rol dan ook. [...] In de netwerksamenleving van de toekomst [zijn] eindeloos veel mogelijkheden om kennis te delen, ervaringen uit te wisselen, een mening te hebben en als groep samen ergens voor te gaan staan. En bij het benutten van die mogelijkheden staan we pas aan het begin, daar ben ik van overtuigd.”
Volgens de Volkskrant gaat Balkenende met deze woorden “recht tegen koningin Beatrix in, die in haar kersttoespraak nog beweerde dat sociale netwerken het maatschappelijke leven verarmen”. U herinnert het zich vast nog. Onze vorstin zei op eerste kerstdag letterlijk:
“De moderne technische mogelijkheden lijken mensen wel dichter bij elkaar te brengen, maar ze blijven op veilige afstand, schuilgaand achter hun schermen. We kunnen nu spreken zonder tevoorschijn te komen, zonder zelf gezien te worden, anoniem. Domweg grofweg emoties uiten is makkelijk geworden. Op spreken zonder respect wordt niemand afgerekend.“
Zijn premier en koningin het oneens? Wat social media betreft wel, ja. Spreekt Beatrix dan niet altijd met de mond van het kabinet, zult u zich afvragen? Nee, op eerste kerstdag wijkt ze daar traditiegetrouw van af. Toch getuigt de uitspraak van Balkenende wel degelijk van voortschrijdend inzicht. Onze premier mag dan al jaren een Hyves-account hebben, hij tikte collega-minister Maxime Verhagen vorig jaar nog wel publiekelijk op de vingers vanwege diens getwitter. Het is pure winst dat de premier nu officieel belijdt dat social media een belangrijk middel zijn om te communiceren met de burger. Wie weet stopt Balkenende’s opvolger een vergelijkbaar verhaal in de eerstvolgende Troonrede van Beatrix. Of is het in september al tijd voor Willem 2.0?
Verkiezingscampagnes spelen zich meer en meer op internet af. Barack Obama werd er president mee, zo klinkt het vaak wat overdreven. Ook in de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen is internet niet meer weg te denken. Partijen en politici twitteren, bloggen, hyven en facebooken dat het een lieve lust is. De Stemwijzer is een dusdanig groot machtsmiddel geworden dat partijen keihard hebben onderhandeld over de vragen en antwoorden, en er uiteraard een nagenoeg identieke concurrent opdook, Kieskompas. Daarnaast zijn er allerlei websites waar je je als partij of kandidaat kunt presenteren. Zet dat zoden aan de dijk?
De kersttoespraak van koningin Beatrix biedt zelden echt visionaire standpunten, maar dit jaar verraste de vorstin haar volk met kritiek op internet, en dan met name de rol van twitteraars en reaguurders.
“We zijn geneigd van de ander weg te kijken en onze ogen en oren te sluiten voor de omgeving. Tegenwoordig zijn zelfs buren soms vreemden. Je spreekt elkaar zonder gesprek, je kijkt naar elkaar zonder de ander te zien. Mensen communiceren via snelle korte boodschapjes. (…) Persoonlijke vrijheid is los komen te staan van verbondenheid met de gemeenschap. Maar zonder enig ‘wij-gevoel’ wordt ons bestaan leeg. Met virtuele ontmoetingen is die leegte niet te vullen. Integendeel, afstanden worden juist vergroot. (…) De moderne technische mogelijkheden lijken mensen wel dichter bij elkaar te brengen, maar ze blijven op veilige afstand, schuilgaand achter hun schermen. We kunnen nu spreken zonder tevoorschijn te komen, zonder zelf gezien te worden, anoniem. Domweg grofweg emoties uiten is makkelijk geworden. Op spreken zonder respect wordt niemand afgerekend.“
Masjesteit, mag ik U erop wijzen dat U het internet nogal eenzijdig belicht. Natuurlijk kennen we de uitwassen van scheldende reaguurders die zich soms als kleine dictators gedragen, maar het sociale web brengt ook mensen tot elkaar die elkaar anders niet hadden kunnen spreken. Co-creatie leidt tot nieuwe inzichten, Twitter biedt de oppositie in Iran een stem en boodschappen van hoop verspreiden zich sneller dan via welke andere weg ook. Ik kom graag een keer langs op Paleis Noordeinde om een Twitter-account voor U aan te maken. Voor nu wens ik U nog een prettige kerst.
Update 28-12: Vanavond mocht ik op SBS6 in het tv-programma Shownieuws commentaar geven op de kersttoespraak van koningin Beatrix. Daar heb ik bovenstaands aanbod herhaald. Bekijk de uitzending hier.