“Tom Barman treedt niet op.” Het was een wat vreemde toevoeging in de concertagenda van Paradiso. De opmerking sloeg op GainsNord, een speciale avond waar artiesten uit de lage landen een ode brachten aan het Franse genie Serge Gainsbourg, hier in Nederland ten onrechte alleen bekend bij het grote publiek van zijn hijgplaat “Je t’aime (moi non plus)”. Waarom die opmerking over Tom Barman? Simpel, omdat de zanger van dEUS enkele dagen eerder aanschoof en optrad in De Wereld Draait Door en daarmee het concert in de kleine zaal van Paradiso onverwacht veel aandacht bezorgde. Prompt was GainsNord uitverkocht. “Wie dacht dat Tom Barman vrijdag in Paradiso is, die moet ik helaas teleurstellen”, waarschuwde ook Revu-journalist Guuz Hoogaerts, organisator van het concert waar hij de door hemzelf samengestelde cd “GainsNord. Serge’s Songs Revisited By Bands From The Lowlands” presenteerde. Zonder Barman (maar met barmannen in de benedenzaal die cocktails met stikstof bereidden) werd het toch een mooie hijgavond.
Daar stond ze dan, blootvoets in haar zwarte nachtjapon. PJ Harvey. Op het podium van Paradiso, op het Nederlandse altaar van de rock. De gedistingeerde rockbitch van weleer brak anderhalf jaar terug met haar verleden door de breekbare pianoplaat White Chalk uit te brengen. Dit jaar is ze terug met een rockplaat (A Woman A Man Walked By), haar tweede samen met John Parish. De rock van nu heeft echter iets sacraals, afstandelijks. Maar daardoor niet minder mooi.
This is not a love song. Dit is geen festivalverslag. London Calling is een uitgegroeid tot een driedaags festival dat een staalkaart moet bieden van nieuwe trends in Britse muziek. Ik was er één avond, niet eens een volledige avond, dus verwacht geeft afgewogen totaalbeeld. Hier mijn vijftig centen over wat ik goed en minder goed vond, maar vooral: goed gejat.
Filmregisseur Woody Allen die voor het eerst in Nederland komt optreden met zijn New Orleans Jazz Band, is dat een gimmick, een hype of ook echt de moeite? Met die vraag stapte ik zondag Paradiso binnen. Een dure gok, want de kaartjes kostten 74 euro. Maar ach, zonder risico’s ga je saai dood.
De Belgische rockband dEUS speelt drie avonden achtereen in Amsterdam en ik was er de eerste avond bij. Precies op het aanvangstijdstip arriveerde ik in een bomvolle Paradiso, waar Tom Barman en zijn (bar)mannen zojuist begonnen waren, keurig op tijd. Waar is toch de ware Rock ‘n’ Roll Spirit gebleven, met artiesten die bedwelmd door drugs totaal vergaten wanneer ze moesten spelen? “Zakkenvullers zijn het”, gromde een kennis die ik toevallig tegen het lijf liep. “Waarom anders drie avonden hier spelen?” Met die woorden in mijn achterhoofd klonk de show me aanvankelijk een stuk plichtmatiger in de oren dan vooraf gedacht. De muziek was goed, maar het oogde allemaal wat stijf en afstandelijk.